|
Webbezoekers, hoezeer ook geïnteresseerd in specifieke informatie
op de site, zijn bijna altijd onrustig, proberen zo snel mogelijk
te vinden wat ze zoeken, slaan zo veel mogelijk tekst over en
klikken vaak heel snel door naar een volgende pagina.
Lezen van het scherm blijkt voor veel mensen erg onprettig,
liever vluchten ze verder. Pas als bezoekers precies bij de
informatie aankomen die ze zoeken, willen ze echt moeite doen
om te lezen.
Daarom: webteksten moeten zoveel mogelijk geschikt zijn voor
de zoekende, scannende bezoeker. Zo niet, dan zullen de bezoekers
de gezochte informatie niet vinden.
Zie onderstaand artikel Top 10 ontoegankelijke webtekst,
gepubliceerd in Tekst[blad], juni 2003.
Top 10 ontoegankelijke webtekst
1. Dodelijk: lange lappen tekst
Wilt u bezoekers echt onmiddellijk wegjagen, plaats dan lange
lappen tekst als één alinea op de webpagina. De bezoeker ziet
één massief blok letters waarin hij niets kan onderscheiden.
Informatie zoeken kan alleen door echt te gaan lezen. De reactie:
wegwezen!
2. Kom langzaam ter zake
Webbezoekers zien, na het klikken op een link, heel weinig:
vooral het midden van het scherm. Daar moet de belangrijkste
informatie staan. Als die pas verderop komt, bijvoorbeeld na
scrollen, zal een deel van de bezoekers die nooit zien.
Veel bezoekers vormen zich direct bij het zien van het beginscherm
een beeld van de inhoud van de pagina. Als deze niet aan hun
wensen of verwachtingen voldoet, klikken ze snel weer weg.
Idealiter ziet de bezoeker de belangrijkste informatie al voordat
hij bewust is gaan lezen.
3. Algemene verhalen
Bezoekers zijn op zoek naar concrete informatie. Die moet zo
snel mogelijk in beeld komen. Dus niet: 'De bibliotheek heeft
een succesvolle, marktconforme adviespraktijk, gebaseerd op
haar kerncompetenties'.
En ook geen verhalen die de organisatie zonodig kwijt moet,
maar waar de bezoeker niets mee opschiet. Als hij een melding
wil doen van troep rond afvalcontainers, zal hij niet graag
eerst een verhaal lezen over het belang van schone straten en
de verantwoordelijkheid van de burger. Niet zelden drukt dat
de link naar het meldingformulier van het scherm.
4. Wijdlopigheid
Omdat lezen de bezoeker zoveel moeite kost en er zo weinig
informatie op een scherm past, moet alle webtekst uiterst beknopt
zijn. Ieder overbodig woord houdt op, hindert, drukt belangrijker
informatie naar de periferie.
5. Lange zinnen, moeilijke woorden
Op papier geldt dat moeilijke woorden en lange zinnen een
tekst moeilijker leesbaar maken, op het internet geldt dat des
te sterker. Het leidt tot versneld vluchtgedrag.
6. Moeilijk scanbare teksten
De bezoeker zoekt naar informatie en haakt eerder af naarmate
dat moeilijker is. Zorg dat hij zich al scannend snel een beeld
kan vormen van de informatie op de pagina:
- een informatieve titel
- korte alinea's met witregels
Hoe langer de alinea, hoe meer moeite de bezoeker moet doen
om zich een idee van de inhoud te vormen. Alinea's van meer
dan 5 regels lezen lastig
- informatieve tussenkopjes
Als teksten langer zijn dan een paar alinea's, heeft de bezoeker
tussenkopjes nodig om zich snel een idee te vormen van de
inhoud. Anders moet hij echt gaan lezen
- puntsgewijze opsommingen
Deze zijn ideaal voor een snel overzicht en veel gemakkelijker
te bekijken dan doorlopende tekst. Bovendien zorgen zij voor
'lucht' in de tekst, wat het bekijken een stuk prettiger maakt.
7. Lange teksten zonder intro of inhoudspagina
Lange teksten schrikken af. De bezoeker wil snel weten of de
pagina de informatie bevat die hij zoekt of dat hij verder moet
klikken. Een duidelijke, aanklikbare inhoudsopgave of een intro
dat aangeeft welke informatie geboden wordt, helpt hem bij het
nemen van de juiste beslissing.
8. Gebrekkige terugkoppeling
Voordat een pagina verschijnt, heeft de bezoeker op een link
geklikt. Klopt de verwachting die de link wekte niet met de
informatie op de pagina, met name de titel en de begintekst,
dan slaat de verwarring toe en klikt de bezoeker meestal direct
op de back-knop. Zorg dus niet alleen voor goede webtekst met
een duidelijke, informatieve titel, maar controleer ook de link
erheen.
9. Lange regels, dicht op elkaar
Teksten worden moeilijker leesbaar naarmate de regel langer
is, de letter groter en de interlinie kleiner. De zo geprezen
verdana-letter laat het scherm flink dichtslibben omdat hij
groot is en de regels bijna tegen elkaar plakt. Dat maakt het
lastig de regels met de ogen te volgen. Met een kleine letter
en een grote interlinie gaat dat veel gemakkelijker. Omdat een
grote letter zoveel ruimte vreet, past er weinig tekst op één
scherm, wat het overzicht beperkt.
Brede regels gaan ten koste van de leesbaarheid omdat het oog
bij beeldschermteksten relatief ver van links naar rechts moet.
Ook dat maakt het lastiger om de regels één voor één te lezen.
10. Pdf- en wordbestanden
De laatste tip om ervoor te zorgen dat informatie de geïnteresseerde
bezoeker niet bereikt, is hem uitsluitend in een pdf- of wordbestand
aan te bieden. Liefst hele rapporten, gemaakt om vanaf papier
te lezen.
Bij tests branden bezoekers ter plekke af als na enig zoeken
de informatie binnen handbereik lijkt en de laatste link naar
een pdf-bestand leidt. Onduidelijk is
- hoelang het downloaden gaat duren (ook al staan de kb's
erbij)
- of de specifieke informatie werkelijk in het document staat
- of deze zich vanaf het scherm gemakkelijk laat vinden (bijna
nooit)
Het is bijna altijd een tijdrovende aangelegenheid met ongewisse
uitkomst, iets waar alleen de hardnekkig geïnteresseerde aan
wil beginnen.
Word- en pdf-bestanden zijn nuttig, maar alleen voor mensen
die het hele document willen hebben. Alle anderen hebben alleen
baat bij goed scanbare, beknopte, concrete informatie op gewone
webpagina's.
Meer info:
© Ben Vroom, juni 2003
|